Museum Vliegbasis Deelen vertelt het verhaal van de voormalige militaire vliegbasis Deelen, gelegen op de Veluwe bij Arnhem. De basis werd in de jaren dertig aangelegd en kreeg tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol als Duits vliegveld. In het museum ontdek je hoe het terrein in die periode werd gebruikt, met aandacht voor de gebouwen, camouflage, militaire techniek en de persoonlijke verhalen van mensen die er werkten of woonden. De omgeving van Deelen is bijzonder goed bewaard gebleven: op en rond het terrein zijn nog hangars, bunkers, shelters en andere historische sporen zichtbaar. Het museum biedt daarmee een helder beeld van de geschiedenis van de luchtvaart en de oorlogsjaren op deze unieke locatie. In de oorlogsjaren was het Fliegerhorst Deelen. Nauw verbonden aan dit museum is de bunker Diogenes. Deze historische bunker speelde tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol in de Duitse luchtverdediging. Vanuit deze locatie werden geallieerde vliegtuigen gevolgd en onderscheppingsacties gecoördineerd. De bunker vormt daarmee een waardevolle aanvulling op het verhaal van het museum en biedt bezoekers meer inzicht in de militaire geschiedenis van de regio.
We werden rondgeleid door het museum door Bas School, die heel veel weet over de historie van Deelen en omgeving.
Er zijn veel bodemvondsten te zien uit de tijd dat het een Duitse Fliegerhorst was.
Fliegerhorst Deelen
Fliegerhorst Deelen was een Duits militair vliegveld uit de Tweede Wereldoorlog, gelegen in de bossen bij Deelen op de Veluwe, ten noorden van Arnhem. De Luftwaffe legde het vliegveld vanaf 1940 aan als belangrijke basis voor de luchtverdediging en voor operaties boven Nederland en het westen van Duitsland. Het terrein beschikte over start- en landingsbanen, hangars, kazernes, bunkers en gecamoufleerde gebouwen. Een groot deel van deze bouwwerken is bewust uitgevoerd in een landelijke stijl, zodat het complex vanuit de lucht minder opviel. Na de oorlog kreeg het terrein een militaire functie binnen Nederland en werd het onderdeel van de omgeving van vliegbasis Deelen. Tegenwoordig herinneren onder meer de monumentale gebouwen, bunkers en restanten van infrastructuur aan de geschiedenis van het voormalige Fliegerhorst. Het gebied heeft een belangrijke cultuurhistorische waarde, maar delen ervan zijn beperkt toegankelijk vanwege militair gebruik, natuurbeheer en veiligheid.
Personeel dat werkt op Fliegerhorst Deelen meldt zich aan de poort.
Bommenlijntje Fliegerhorst Deelen
Locomotor (Sik) gebruikt bij de openingsrit van het bommenlijntje.
Het Bommenlijntje bij Fliegerhorst Deelen herinnert aan de militaire geschiedenis van het voormalige Duitse vliegveld Deelen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Fliegerhorst Deelen werd door de Duitse bezetter uitgebreid tot een belangrijke luchtmachtbasis, met startbanen, hangars, kazernes en een uitgebreid netwerk van wegen en spoorverbindingen. Het Bommenlijntje verwijst naar een spoortracé dat werd gebruikt voor het vervoer van materieel, waaronder munitie en bommen, naar en op het terrein. Tegenwoordig vormt het gebied een herkenbaar onderdeel van het landschap rond Deelen en de Veluwe. Wie hier wandelt of fietst, ziet nog sporen van de voormalige basis, zoals bunkers, gebouwen, brede lanen en andere militaire infrastructuur. Het Bommenlijntje is daarmee niet alleen een route of landschappelijk element, maar ook een tastbare herinnering aan een ingrijpende periode in de Nederlandse geschiedenis.
Duitse autoriteiten bij de opening van het bommenlijntje
Sporen van Fliegerhorst Deelen
In de omgeving van Museum Vliegbasis Deelen zijn nog voormalige hangaars te zien. Deze gebouwen herinneren aan de militaire geschiedenis van het voormalige vliegveld en geven een indruk van de functie die Deelen tijdens en na de Tweede Wereldoorlog vervulde. Samen met andere overblijfselen in het landschap vormen de hangaars een zichtbaar onderdeel van het historische gebied rond het museum.
Bunker Diogenes
Bunker Diogenes is een voormalige Duitse commandobunker uit de Tweede Wereldoorlog, gelegen in de bossen bij Schaarsbergen, nabij Arnhem. De bunker werd in 1942 gebouwd als onderdeel van de luchtverdediging van nazi-Duitsland. Vanuit dit complex verwerkte de Luftwaffe meldingen van radarposten en waarnemers om geallieerde vliegtuigen te volgen en Duitse jachtvliegtuigen aan te sturen. Het gebouw is bijzonder door zijn grote omvang, dikke betonnen wanden en de nog aanwezige ruimtes voor communicatie, kaarten en commandovoering. Tegenwoordig is Bunker Diogenes een belangrijk militair-historisch monument. Tijdens beperkte openstellingen en rondleidingen krijgen bezoekers inzicht in de rol van technologie, communicatie en luchtverdediging tijdens de oorlog.
In de Tweede Wereldoorlog was Bunker Diogenes in Hilversum een belangrijk Duits communicatie- en commandocentrum. De term Blitzmädchen werd gebruikt voor jonge vrouwelijke hulpkrachten die onder meer telefoon-, telex- en verbindingsdiensten uitvoerden voor de Duitse Luftwaffe. Zij speelden een rol in de dagelijkse communicatie vanuit de bunker, die onderdeel was van de Duitse luchtverdediging in Nederland. Deze geschiedenis moet worden gezien in de context van de Duitse bezetting en het naziregime: de werkzaamheden vonden plaats binnen een militair systeem dat Nederland onderdrukte en de oorlog in stand hield.
Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog probeerden Duitse militairen Bunker Diogenes bij Schaarsbergen op te blazen. De bunker was tijdens de oorlog een belangrijk Duits commandocentrum voor de luchtverdediging. Hoewel de explosies schade veroorzaakten, bleef het grootste deel van de zware betonnen constructie intact. Daardoor is Bunker Diogenes nog altijd een bijzondere herinnering aan de oorlogsgeschiedenis in de omgeving van Arnhem.
Canadese leger bij Deelen
Bij Deelen, in de buurt van Arnhem, bevond zich na de bevrijding een Canadese verzamelplaats voor militair materieel. Op deze locatie werd onder meer voertuigen, uitrusting en ander legermateriaal samengebracht, gecontroleerd en verder verdeeld of afgevoerd. De plek maakte deel uit van de omvangrijke logistieke organisatie die nodig was om de geallieerde troepen in Nederland te ondersteunen en het materieel na de oorlog te beheren.