HET OFFER VAN ALBERT WILLINGHAM

Het offer van Albert Willingham is een van de meest indrukwekkende en heldhaftige verhalen van zelfopoffering tijdens de Slag om Arnhem (onderdeel van Operatie Market Garden) in september 1944. De 29-jarige Britse parachutist gaf bewust zijn leven om een groep Nederlandse burgers en gewonde officieren te beschermen tegen de dood. 

De operatie begon met bombardementen en beschietingen van (vermeende) Duitse
doelen in Arnhem, Velp en VVolfheze. Op deze luchtfoto Van Wolfheze Zijn de rookwol-
ken zichtbaar van de branden in het dorp, het blindeninstituut en de psychiatrische
inrichting die daarvan het gevolg waren. Ten zuidwesten een deel van landingszone
te Zien , waarop een groot aantal zweefvliegtuigen is geland.

Wat er gebeurde op 21 september 1944

Tijdens de hevige gevechten in de perimeter van Oosterbeek diende het huis aan de Annastraat 2 (destijds soms aangeduid als nummer 4) als het hoofdkwartier van het 10e bataljon van het Parachute Regiment. 

  • De dreiging: In de kelder van de woning hielden zich zo'n twintig Nederlandse burgers schuil, waaronder de jonge moeder Bertje Voskuil en haar 8- of 9-jarige zoontje Henri, samen met twee gewonde Britse officieren. 
  • De actie: Toen Duitse troepen het gebouw probeerden te zuiveren, werd er een steelgranaat via de keldertrap naar binnen gegooid. De granaat rolde recht op de jonge moeder en haar kind af. 
  • De opoffering: Zonder te twijfelen bedekte soldaat Albert Willingham de granaat met zijn eigen lichaam om de klap op te vangen. Hij was op slag dood, maar door zijn snelle reactie overleefden de burgers en officieren in de kelder het incident

Links: De ochtend na de landing, maandag
18 september, ging Jan Voskuill naar de
Utrechtseweg. Daar zag hij de eerste
Engelse militairen voorbijkomen in de
richting Arnhem. Ook reden er Jeeps
langs. Op de hoek van de Annastraat
praatte hij met een aantal Britten, die daar
even uitrustten. De soldaten behoorden
tot de South Staffords en werden gefoto-
grafeerd op de plek waar de Annastraat
op de Utrechtseweg uitkomt, enkele tien-
tallen meters te noorden van Annastraat 2
(GA, De Bidder). Linksonder: Zo ziet die
plek er tegenwoordig uit, gezien in weste-
lijke richting. Rechts op de foto het bord
dat de afslag naar de Stationsweg aan-
geeft, richting het Arnhem Oosterbeek
War Cemetery.

De nasleep en herinnering

Willingham kreeg direct na zijn overlijden een tijdelijk veldgraf in de achtertuin van het huis. Na de oorlog is zijn lichaam herbegraven op de Arnhem Oosterbeek War Cemetery (Graf 27.A.10). 

  • Bodemvondsten in de tuin: In 2021 deden de nieuwe eigenaren van het pand aan de Annastraat tuinwerkzaamheden. Hierbij stuitten zij op persoonlijke bezittingen die bij de opgraving in 1945 waren achtergebleven. Onder de indrukwekkende vondsten bevonden zich zijn baret-embleem (cap badge), restanten van een gasmasker, een heupfles en munitiehulzen. Deze spullen zijn overgedragen aan het Airborne Museum Hartenstein. [1]
  • Plaquette: In september 2024 is er bij de woning aan de Annastraat 2 een officiële gedenkplaquette onthuld om de heldendaad van Willingham voor altijd te herinneren. [1]
  • Levend verhaal: Robert Voskuil, de later geboren zoon van Bertje Voskuil, heeft zich jarenlang ingezet om het verhaal van Willingham levend te houden. Hij realiseert zich dat zijn eigen bestaan direct te danken is aan het offer dat die dag in de kelder werd gebracht.

Details over de plaquette

De onthulling van de gedenkplaquette voor soldaat Albert Willingham vond plaats op 20 september 2024 bij de woning aan de Annastraat 2 in Oosterbeek. Deze ceremonie vormde een bijzonder en emotioneel onderdeel van de 80ste herdenking van Operatie Market Garden.

Details over de plaquette

De herdenkingsplaat is direct aan de buitenmuur van het historische pand bevestigd.

  • Het initiatief: De plaquette is gerealiseerd op initiatief van de Britse stichting Friends of the Tenth. Deze organisatie eert de manschappen van het 10e bataljon van het Parachute Regiment. 
  • De symboliek: Het ontwerp sluit aan bij vergelijkbare gedenkplaten in het Engelse dorp Somerby (Leicestershire), de thuisbasis waar het 10e bataljon destijds werd gestationeerd en getraind voordat ze naar Nederland vertrokken. 
  • De tekst: De tekst memoreert dat het huis op 20 en 21 september 1944 fungeerde als het vitale bataljonshoofdkwartier binnen de Oosterbeekse perimeter, en eert specifiek het ultieme offer van Willingham in de kelder van dit pand. 
  • Met deze fysieke markering is het voormalige veldgraf en de plek van de heldendaad veranderd in een permanent monument, zodat passanten en volgende generaties herinnerd worden aan wat zich daar in de septemberdagen van 1944 heeft afgespeeld.

De Herdenkingsbijeenkomst

De onthulling trok veel belangstelling van zowel Britse als Nederlandse zijde en bracht de geschiedenis tastbaar dichtbij: [1]

  • Bijzondere gasten: De ceremonie werd bijgewoond door Britse nabestaanden (familieleden) van Albert Willingham, die speciaal voor deze gelegenheid naar Oosterbeek waren gereisd. 
  • Robert Voskuil: Ook historicus Robert Voskuil was nauw betrokken bij de plechtigheid. Zijn moeder Bertje en zijn destijds 8-jarige halfbroer Henri zaten destijds in de kelder en overleefden dankzij Willingham. Voor hem betekende de plaquette een definitieve en blijvende erkenning van de man aan wie hij indirect zijn eigen leven te danken heeft. 
  • Eerbetoon: De onthulling ging gepaard met de aanwezigheid van Britse militairen en het leggen van bloemen en kransen bij de kersverse plaquette, ondersteund door de iconische vlag van het Parachute Regiment.