11-4-2026 Regiotour met Stichting Gasselte 40-45
Vanmorgen deelgenomen aan mooie tour georganiseerd door Stichting Gasselte 40-45. We bezochten diverse monumenten van Franse parachutisten gesneuveld tijdens operatie Amherst, de school waar de Joodse juf Saartje les gaf in het begin van de oorlog. Zij woonde aanvankelijk in Gasselte tot ze les ging geven op Joodse school in Groningen. Ze werd gedeporteerd via Westerbork naar Auschwitz waar ze is omgekomen. Ook hoorden we over de strijd bij Borger tussen de Duitsers en de Polen. Tenslotte bezochten we het Amherst monument in Westdorp dat herinnert aan drie Franse parachutisten die de aftocht van hun medestijders dekten tegen de Duitse overmacht. We reden in een DVM bus uit het busmuseum.
Start bij "Het Witte Kerkje" en het monument Fernand Bègue
We kregen eerst een inleiding in het Witte Kerkje van Gasselte, waar tevens diverse voorwerpen uit de luchtoorlog waren tentoongesteld.
Tijdens het herdenkingsweekend van de bevrijding van Gasselte op 11 april 2026 was ik in het Witte Kerkje waar een tentoonstelling was en vliegtuigonderdelen van neergestorte vliegtuigen werden getoond. Daarbij was een motoronderdeel van een P-47 Thunderbolt. De eigenaar van de collectie vertelde me dat dit vliegtuig was neergestort aan de Cereskade in Stadskanaal. Ik herinner me dat mijn moeder me vertelde over een vliegtuig dat schuin tegenover het huis van haar ouders aan de Ceresstraat is neergestort. Zij heeft dat zien gebeuren. Nu realiseer ik me dat het dit vliegtuig moet zijn geweest en dat ik daarvan dit motoronderdeel zie. Het ongeluk maakte een diepe indruk op haar. Maar wat wil je, als je als 15 jarige tiener dit beeld op je netvlies krijgt. Wat komt de geschiedenis dan ineens dichtbij.
Inleiding regiotour in het Witte Kerkje van Gasselte. Daar hoorden we het verhaal van Fernand Bègue. De Franse parachutist die sneuvelde bij de pastorie waarin de NSKK zat. Aan het Lutkenend bevindt zich een monument.
De Franse parachutisten van de SAS die landen bij Gasselte veroverden het hoofdkwartier van het Nationalsozialistische Kraftfahr Korps (NSKK), dat gevestigd was in de pastorie van Gasselte. Vanaf oktober 1944 was deze eenheid van Duitse Aan- en Afvoertroepen daar gelegerd. Het waren nagenoeg allemaal Nederlandse vrijwilligers. Bij deze actie kwam de Franse korporaal Fernand Begue om het leven. De para's trokken zich met hun gesneuvelde kameraad en gevangengenomen Duitsers terug in de bossen. Vervolgens namen de Duitsers weer bezit van hun hoofdkwartier en namen alle mannen van Gasselte gevangen en sloten hen op in het witte kerkje van Gasselte. Uiteindelijk werden zestien mannen afgevoerd naar Assen op beschuldiging van hulp aan de vijand. Zij werden op 13 april daar bevrijd door de Canadese troepen. Bégue, afkomstig van Madagaskar, werd - gewikkeld in een parachute- begraven in de bosrand. Nadat de Canadezen waren gearriveerd, werd hij begraven op de plaatselijke begraafplaats. Uiteindelijk heeft hij zijn laatste rustplaats gevonden op Madagaskar. Bij de oprit van de pastorie aan het Lutkenend is een monument geplaatst.
Heidehof: monument Guy Jean Lesne
Vervolgens reden we met de museumbus naar het landgoed Heidehof bij bij Eext. Daar bevindt zich een monument ter nagedachtenis aan de Franse parachutist Guy Jean Lesne.
Het monument ter nagedachtenis aan de Franse parachutist sergeant Guy Jean Lesne. Het monument is niet vrij te bezoeken maar bij deze gelegenheid konden wij er wel een bezoek aan brengen. Links het monument tijdens de onthulling met daarbij een foto van Gey Jean Lesne en onder het monument zoals wij die te zien kregen op 11 april 2026.
Deze foto staat op de website van de Natuurbegraafplaats Hillig Meer. Bij de onthulling van het monument ontmoetten Fokko Nijmeijer, met stok, en Herve Lesne, de zoon van de omgekomen sergeant Guy Jean Lesne, elkaar voor het eerst. Het werd een emotionele ontmoeting tussen de zoon die zijn vader nooit kende en de man die hem de laatste verzorging had gegeven. Over de dood van sergeant Lesne staat het volgende vermeld
Een deel van de Fransen werd gedropt nabij Landgoed Heidehof. Sergeant Guy Jean Lesne werd er met een strijdmakker op uit gestuurd om de omgeving te verkennen. Helaas werd hij opgemerkt vanuit het landhuis. Het oude landhuis van Heidehof was enige weken daarvoor in gebruik genomen door de SS. Vanuit de toren van het huis openden de Duitsers het vuur. Lesne werd dodelijk getroffen, zijn kameraad wist te ontkomen.
Op zoek naar een doodskist
Onderduikers die zich in het bos schuilhielden, hoorden de schoten en gingen op onderzoek uit. Onder hen was Fokko Nijmeijer. Hij vond de Fransman en ging midden in de nacht met zijn kameraden naar Eext om een doodskist te halen bij timmerman Lanjouw. Daar hebben ze Lesne in gelegd om hem later aan de Canadese troepen over te dragen.
Onderduikershol Eext
In het Evertsbos bij het landgoed Heidehof bevond zich een onderduikershol. De bewoners daarvan gingen water halen uit de waterput die zich bevond bij de villa die er toen stond. Dat ging goed totdat de villa in gebruik werd genomen door de SS. Het was vanuit die toren dat Lesne door de SS werd opgemerkt en doodgeschoten. Aan het einde van de oorlog werd de villa door de SS opgeblazen.
Ontstaan en functie tijdens de oorlog (1943–1944)
Het onderduikershol bij Eext lag diep verscholen in de bossen tussen Eext en Anloo, in het Evertsbos. Het werd in 1943 gebouwd door een groep jonge mannen die wilden ontkomen aan de Arbeitseinsatz, de verplichte tewerkstelling door de Duitse bezetter. Een van hen was Hans Cuperus, die samen met anderen het hol groef en camoufleerde. Het was zo goed verborgen dat de Duitsers het twee jaar lang niet ontdekten.
Het hol bood onderdak aan acht vaste onderduikers, maar werd soms gebruikt als tijdelijke schuilplaats voor meer mensen — op een gegeven moment zelfs achttien. De onderduikers leefden in voortdurende alertheid en leerden zich geruisloos door het bos te bewegen. Lokale boeren, bosarbeiders en stropers hielpen hen met voedsel en informatie.
Ontdekking en opheffing door de Sicherheitsdienst (1944)
In oktober 1944 werd het hol ontdekt door de Sicherheitsdienst (SD) uit Groningen. De verzetsgroep die het hol gebruikte werd opgerold, en het hol werd door de SD dichtgemaakt. Vanaf dat moment was de locatie niet langer geheim.
Executies in april 1945
Kort voor de bevrijding vonden in het gebied rond het hol dramatische gebeurtenissen plaats. Op 8 april 1945 werden tien verzetsmensen uit Groningen door de Duitsers geëxecuteerd in of bij het hol. Hun lichamen werden haastig begraven in de directe omgeving.
Op 10 april 1945 ontdekte een inwoner van Eext bloedsporenzen op een gewelddadige executie.
Daarnaast waren drie eerdere onderduikers die het hol gebruikten al in Westerbork geëxecuteerd. In totaal worden dus dertien verzetsmensen met deze plek in verband gebracht.bij het voormalige hol. De Marechaussee groef het hol uit en vond de lichamen van de tien mannen. De omstandigheden wezen op een gewelddadige executie.
Daarnaast waren drie eerdere onderduikers die het hol gebruikten al in Westerbork geëxecuteerd. In totaal worden dus dertien verzetsmensen met deze plek in verband gebracht.
Executies in april 1945
Kort voor de bevrijding vonden in het gebied rond het hol dramatische gebeurtenissen plaats. Op 8 april 1945 werden tien verzetsmensen uit Groningen door de Duitsers geëxecuteerd in of bij het hol. Hun lichamen werden haastig begraven in de directe omgeving.
Op 10 april 1945 ontdekte een inwoner van Eext bloedsporen bij het voormalige hol. De Marechaussee groef het hol uit en vond de lichamen van de tien mannen. De omstandigheden wezen op een gewelddadige executie.
Daarnaast waren drie eerdere onderduikers die het hol gebruikten al in Westerbork geëxecuteerd. In totaal worden dus dertien verzetsmensen met deze plek in verband gebracht.
Op de fundamenten van de oude villa, die nog steeds te zien zijn, is een nieuwe villa gebouwd met natuurlijke materialen. Deze villa wordt thans gebruikt als uitvaartcentrum voor de natuurbegraafplaats Hillig Meer.
De fundamenten van de oude villa Heidehof zijn thans nog te zien. Op deze fundamenten werd een nieuwe villa gebouwd waarbij gebruik gemaakt werd van natuurlijke materialen.
Rechts: Onderduikers in een onderduikershol. Zo ging het er misschien ook wel aan toe in het onderduikershol in het Evertsbos bij Eext.
De waterput waaruit de onderduikers in het onderduikershol in de oorlog hun water haalden is nog te zien.
Monument Robert Georges Heckmann
Vanaf landgoed Heidehof reden we naar het monument voor de Franse parachutist Robert Georges Heckmann aan de Verlengde Grensweg bij Gieten. Ik was hier al eerder geweest tijdens een Amherst-herdenking met Stichting Herdenking Franse Parachutisten 1945, met Henk Brink en Harold de Jong. Heckmann maakte deel uit van de 'stick Berr'. Hij is ongeveer op de locatie waar deze gedenksteen is geplaats geneuveld op 10 april 1945.
Tijdens de tour werd onze bus begeleid door Willys Jeeps uit de Tweede Wereldoorlog, gebruikt door de geallieerden tijdens de bevrijding van Europa. De bemanning was gekleed in uniformen uit die tijd.
Meester Kranenborgschool Kostvlies en Saartje Frank
We gingen vervolgens naar de Meester Kranenborgschool in Kostvlies.
Meester Jan Kranenborg was de eerste onderwijzer én hoofd van de school in Kostvlies, een buurtschap bij Gasselte in Drenthe. Zijn naam leeft voort in de Meester J. Kranenborgschool, die een belangrijke rol speelde in het dorpsleven van Kostvlies.
🧑🏫 Wie was Meester Kranenborg?
De eerste onderwijzer van de in 1930 opgerichte school in Kostvlies was Jan Kranenborg, afkomstig uit Drieborg. Hij was niet alleen leraar, maar ook een centrale figuur in het sociale en culturele leven van Kostvlies en Gasselte. Zijn betrokkenheid bij het verenigingsleven maakte hem een geliefde dorpsfiguur.
Toen hij in 1965 vertrok, besloot de gemeenschap de school naar hem te vernoemen: Meester J. Kranenborgschool. Door dalende leerlingenaantallen moest de school in 1975 sluiten.
De inwoners van Kostvlies besloten het gebouw te behouden en om te bouwen tot dorpshuis, zodat het een sociaal middelpunt van de gemeenschap bleef.
Vandaag de dag bestaat de stichting nog steeds als Stichting Meester J. Kranenborgschool Kostvlies, gevestigd aan Kostvlies 24 in Gasselte.
Deze foto maakte ik in de gang van de Meester Kranenborgschool. Het zag er allemaal heel nostalgisch uit en deed me denken aan de lagere school die ik vroeger bezocht.
De reden dat we een bezoek brachten aan deze voormalige school was dat de Joodse juf Saartje Frank hier les gaf. Zij werd op 3 mei 1937 overgeplaatst van Gasselte naar de lagere school in Kostvlies. Hier ging ze lesgeven aan de gecombineerde klassen 1,2 en 3 en ze gaf ook handwerken. Saartje Frank woonde op kamers in Gasselte.
Het huis in Gasselte waarin de Joodse onderwijzeres Saartje Frank op kamers woonde, staat er nog steeds.
In het klaslokaal waarin Saartje Frank ook les gegeven zou kunnen hebben, luisterden we naar het ontroerende verhaal over Saatje verteld door ook een juf Rona. Saartje Frank werd geboren op 10 september 1910 te Groningen als dochter van Elkan Frank en Rosina van der Reis. Ze had één broer: Eliazer. Saartje kon goed leren en studeerde voor onderwijzeres. Saartje had mooi haar en kleedde zich ‘stads’. Als hobby deed ze aan portrettekenen, meerdere leerlingen van haar hebben voor haar geposeerd, maar helaas zijn er geen tekeningen bewaard gebleven.Op 10 juni 1930 behaalde ze haar diploma voor onderwijzeres. Het was in die tijd niet makkelijk om aan een baan te komen. Na tijdelijke betrekkingen in Rotterdam en Sappemeer kreeg Saartje in 1932 een vaste aanstelling in Gasselte.
Saartje met collega's in Gasselte (1936)
In 1937 werd Saartje als onderwijzeres overgeplaatst naar de lagere school van Kostvlies, zo’n kilometer van Gasselte verwijderd. Ze gaf les aan gecombineerde klassen 1, 2 en 3 en gaf handwerken. Volgens haar leerlingen was ze vriendelijk maar kordaat.
Op 22 november 1940 werd ze van haar functie ontheven en op 28 januari werd Saartje ontslagen ‘op last van de bezettende macht’. Hierna keerde Saartje terug naar Groningen, waar ze ging werken op de joodse school aan de Prinsenstraat, die op 12 september 1941 geopend werd nadat joodse kinderen niet langer naar het reguliere onderwijs mochten.
Hoe het verder ging met Saartje aan de joodse school is niet precies bekend. Wel is duidelijk dat zij op 2 september 1943 aankwam in Kamp Westerbork. Het is waarschijnlijk dat zij voordat ze opgepakt werd, ondergedoken zat en mogelijk is verraden. In Kamp Westerbork kwam zij namelijk terecht in barak 67, de strafbarak. Enkele dagen later, op 7 september 1943, werd Saartje op transport gezet naar Auschwitz. Philip Mechanicus zat op dat moment in Kamp Westerbork en schrijft over dit transport in zijn dagboek:
“Vanmorgen weer een transport. De mannen en vrouwen, die voor transport hadden te vrezen, pakten gisteravond met een gelatenheid, die men voor moed zou kunnen houden, maar die toch niet anders was dan de gelatenheid van mensen, die de hartstocht van de verontwaardiging en het verzet niet kennen. Het is de gelatenheid van gekooide beesten, die hun natuurdriften verloren hebben en zich aan de kooi gewend hebben.Geen woord van protest, maar bedaarde voorbereiding voor de reis. Het is de eerste keer dat ik een transport van belang in de barak bijwoon. Zestig mensen werden vannacht om vier uur opgeroepen. Ternauwernood enig spoor van beroering in de zaal: de mannen en vrouwen hadden reeds met de mogelijkheid van transport rekening gehouden, velen wisten reeds dat zij op transport zouden worden gesteld, de motie was reeds de dag te voren verwerkt.”
In totaal werden met het transport van 7 september 1943 987 mensen naar Auschwitz gestuurd. Onderwijzeres Saartje Frank was één van hen. Ze overleefde het kamp niet. Haar sterfdatum is vastgesteld op 30 november 1943. In de openbare basisschool De Dobbe te Gasselte werd in 2001 een plaquette onthuld ter herinnering aan Saartje Frank.